Clockarium Museum
Tentoonstelling, Decoratieve kunst
Dit museum brengt hulde aan klokken in faience (geglazuurd aardewerk) die vroeger vaak de schouwen van onze voorouders sierden. Tijdens het interbellum waren deze uurwerken zeer in trek in België en het Noorden van Frankrijk maar nu enigszins in vergetelheid geraakt, vindt men ze eerder terug op rommelmarkten dan in woonkamers. De verzameling van het Clockarium telt 3000 klokken.
- Wanneer
- zo (ma, di, woe, do, vrij, za gesloten)
- Waar
-
Clockarium Museum
Reyersln. 163, 1030 Schaarbeek
Wegbeschrijving, Routeplanner MIVB - Contact
-
Telefoon: 2007@clockarium.be
Fax: 02-732.08.28 - Links
-
www.clockarium.com
www.museavanbrussel.be
De vzw Het Clockarium heeft in 2000 het museum van de faienceklokken Het Clockarium gecreëerd. Het museum wijdt zich volledig aan de buitengewone Art Deco -schouwgarnituren die tijdens de twee wereldoorlogen alle huisjes in België en Noord-Frankrijk sierden.
In een mooi Art Deco-huis met drie verdiepingen van de jaren 30 stelt het museum een uitzonderlijke keuze van meer dan duizend objecten voor.
Het Museum is open op zondag, uitgezonderd feestdagen en schoolvakantie, om 15u05 stipt voor een geleid bezoek in het Frans. Het museum is daarnaast iedere dag op afspraak te bezoeken, met rondleidingen in het Nederlands.
HET GEBOUW
Het huis dat vandaag het Clockarium huisvest werd in 1935 door Gustave Bossuyt gebouwd. Het is een typisch Brusselse constructie die toont hoe de esthetiek van de Art Deco was doorgedrongen tot de burgerlijke architectuur van het interbellum.
Gelegen aan de Reyerslaan is dit huis noch een villa voor de begoede klasse (genre Huis Van Buuren) noch een bescheiden arbeiderswoning. Als rijhuis is het in de eerste plaats een individuele woning en staat zij lijnrecht tegenover de nieuwe woonvorm: het appartement, gepopulariseerd door de wetgeving op het mede-eigenaarschap van 1924 en modieus gemaakt door projecten als het Résidence Palace 1926. Anno 1935 blijven vele Brusselaars nog steeds gehecht aan het idee van de privé-eigendom.
Een andere Brusselse karakteristiek die overeind blijft door de tijd heen en die we in deze woning terugvinden, is het reliëf van de gevel (bow-window op het niveau van de bel-etage). Zij is een uiting van bouwtradities die sterker zijn dan de drang naar « vernieuwing »
Het Clockarium is een huis met voortuin (de voortuin was zeer belangrijk binnen de stedenbouwkundige principes van de 19de eeuw en vroeg 20ste eeuw omdat deze de lanen een groener en imposanter karakter verleende, en moest de kleine burgerij naar bepaalde grote lanen lokken). De stedenbouwkundige planning was zeer streng en geordend ; de Reyerslaan, - BrandtWithlocklaan en Lambermontlaan werden reeds in het begin van de 19de eeuw uitgetekend door Victor Besme. Andere voorbeelden zijn Molière, Demolder en Eisenhowerlaan. Het rijhuis in deze lanen heeft een nieuwe typologie in vergelijking tot deze die direct aan de rooilijn staan. De Reyerslaan heeft haar karakter verloren in de jaren 1970 wanneer de laan, met de aanleg van de viaduct, verworden is tot « snelweg » en de auto koning werd in de stad.
In een mooi Art Deco-huis met drie verdiepingen van de jaren 30 stelt het museum een uitzonderlijke keuze van meer dan duizend objecten voor.
Het Museum is open op zondag, uitgezonderd feestdagen en schoolvakantie, om 15u05 stipt voor een geleid bezoek in het Frans. Het museum is daarnaast iedere dag op afspraak te bezoeken, met rondleidingen in het Nederlands.
HET GEBOUW
Het huis dat vandaag het Clockarium huisvest werd in 1935 door Gustave Bossuyt gebouwd. Het is een typisch Brusselse constructie die toont hoe de esthetiek van de Art Deco was doorgedrongen tot de burgerlijke architectuur van het interbellum.
Gelegen aan de Reyerslaan is dit huis noch een villa voor de begoede klasse (genre Huis Van Buuren) noch een bescheiden arbeiderswoning. Als rijhuis is het in de eerste plaats een individuele woning en staat zij lijnrecht tegenover de nieuwe woonvorm: het appartement, gepopulariseerd door de wetgeving op het mede-eigenaarschap van 1924 en modieus gemaakt door projecten als het Résidence Palace 1926. Anno 1935 blijven vele Brusselaars nog steeds gehecht aan het idee van de privé-eigendom.
Een andere Brusselse karakteristiek die overeind blijft door de tijd heen en die we in deze woning terugvinden, is het reliëf van de gevel (bow-window op het niveau van de bel-etage). Zij is een uiting van bouwtradities die sterker zijn dan de drang naar « vernieuwing »
Het Clockarium is een huis met voortuin (de voortuin was zeer belangrijk binnen de stedenbouwkundige principes van de 19de eeuw en vroeg 20ste eeuw omdat deze de lanen een groener en imposanter karakter verleende, en moest de kleine burgerij naar bepaalde grote lanen lokken). De stedenbouwkundige planning was zeer streng en geordend ; de Reyerslaan, - BrandtWithlocklaan en Lambermontlaan werden reeds in het begin van de 19de eeuw uitgetekend door Victor Besme. Andere voorbeelden zijn Molière, Demolder en Eisenhowerlaan. Het rijhuis in deze lanen heeft een nieuwe typologie in vergelijking tot deze die direct aan de rooilijn staan. De Reyerslaan heeft haar karakter verloren in de jaren 1970 wanneer de laan, met de aanleg van de viaduct, verworden is tot « snelweg » en de auto koning werd in de stad.
© J.J. Rousseau
Maak zelf een UiTiD
Met je eigen UiTiD ontvang je aanbevelingen op jouw maat, kan je deelnemen aan onze wedstrijden en inschrijven op onze nieuwsbrief.
Meld je direct aan via:
Geen Facebook, Twitter of Google-account?
Meld je aan met je UiTiD
Of registreer een nieuw UiTiD.
